In de zomer ligt alle schoonheid van de natuur voor het oprapen. De zomer is uitbundig. De bloemen sperren zich wijd open met allerlei knallende kleuren om maar gezien te worden. Dat wekt de aandacht van een enorm scala aan insecten, die er massaal rond zoemen. Maar ook het blad is uitbundig aanwezig, als fabriek van fotosynthese, om vocht op te vangen, of als bescherming tegen de zon. Alles is in optima forma, om voedsel te vergaren, zonlicht op te vangen, bevrucht te worden, of jongen groot te brengen.
Maar in de nazomer gaan we een andere fase in. Er gebeurt nu nog steeds van alles, maar minder opvallend.
Nu is het aan de mensen, die goed kunnen kijken. Die blijven vrolijk, ondanks herfst en winter. Die zien de belofte van Nieuw Leven, dwars door alle verval en versterving.
Er valt bijvoorbeeld onnoemelijk veel zaad neer, uit de zaaddozen, de peulen, of hoe het maar heet. De bosaardbei, kruipend zenegroen en lievevrouwebedstro breiden sluipenderwijs hun terrein uit, en hier en daar wortelen ze al op de knopen; een soort van landjepik, waar ze niet vroeg genoeg mee kunnen beginnen. Immers, planten als de grote kaardebol en de teunisbloem zijn allang begonnen om hun rozetten aan te maken, en om daarmee hun terrein af re bakenen.
Er wordt enorm gestreden om ruimte; wij mensen zijn niet de enigen die daar soms veel moeite voor moeten doen (denk maar aan de woningtekorten, b.v.).
Ik zit hier op een oude, stenen stoep, waar zandkool, grote kaardebol en paardenbloem zich tussen de voegen hebben gewurmd. Op die paar vierkante centimeter draait het om leven en dood. Ik hoop dat de grote kaardebol wint, maar ze hebben alle drie evenveel kans van slagen, ieder met een eigen strategie. Zo valt er nog onnoemelijk veel te zien en te zeggen in de nazomer. De mensen, die somber worden van herfst en winter raad ik daarom aan: kijk, ruik, hoor, voel en proef: de belofte van Nieuw Leven hangt al weer in de lucht!
Arie, september 2023
